Vogelkasten

In De Helix vind je vogelkasten voor de kerkuil, de torenvalk en de huiszwaluw.

Kerkuil

In de topgevel van de schuur ter hoogte van de parking zie je de inlooppijp van de kerkuilenkast. Op de vroegere graanzolder broedt regelmatig een koppel kerkuilen.

Kerkuilen leven in halfopen cultuurlandschappen waar ze 's nachts jagen op woelmuizen, spitsmuizen en ware muizen. Ze kunnen bij heel weinig licht nog zeer goed zien, hebben een uitstekend gehoor en door hun aangepast verenkleed vliegen ze geruisloos. Kerkuilen slikken hun prooi in zijn geheel naar binnen. In de kliermaag wordt het voedsel verteerd. In de spiermaag, die er boven ligt, worden onverteerbare resten zoals huid, haar en beentjes samengeperst tot een bal die uitgebraakt wordt. Dit zijn de braakballen die je soms onder de kerkuilenkast vindt.

Kerkuilen zijn honkvast en trouw aan hun partner. Ze bouwen geen nest, maar leggen 4 tot 7 eieren in een donker hoekje. Het vrouwtje broedt en het mannetje zorgt voor voedsel. Na een 30-tal dagen komt het eerste jong uit het ei. De hulpeloze en kale jongen worden door het vrouwtje warm gehouden en gevoed. Na een 60-tal dagen zijn de jonge uilen zelfstandig.

Torenvalk

Achter de tuin bevindt zich een populierenplantage. In een van de voorste bomen hangt een nestkast voor de torenvalk. De torenvalk is de meest voorkomende roofvogel dankzij het verminderde gebruik van pesticiden en de plaatsing van nestkasten.

Torenvalken leven in cultuurlandschappen met bosjes, aan bosranden, in dorpen en zelfs in steden. Ze worden vaak gezien boven weiden en andere open vlaktes met korte vegetatie. Ze jagen op muizen, die ze makkelijk kunnen vinden. Muizen laten immers een spoor van urinedruppels na op de paadjes die ze bewandelen. Die druppels reflecteren ultraviolet licht dat de torenvalken kunnen zien.

Een torenvalk zie je ook vaak 'biddend' langs autosnelwegen. Bidden is de typische jachtmethode. Hij doet dit meestal bij veel wind en tegen de wind in. Hij blijft dan ter plaatse hangen boven een prooi, de vleugels bewegen zeer snel, het lichaam beweegt niet en de staart is gespreid.

Huiszwaluw

Achter de grote bruine poort ter hoogte van de parking bevinden zich enkele kunstnesten voor huiszwaluwen. Als de poort dicht is, kun je ze niet zien. De nesten zijn bolvormig en hebben een vliegopening aan de bovenkant.

De Vlaamse populatie huiszwaluwen is sinds de jaren 70 met 75% gedaald. De voornaamste oorzaken zijn een tekort aan voedsel en nestmogelijkheden. Bij mooi weer vliegen ze hoog in de lucht, bij vochtig weer veel lager. Daarbij jagen ze met grote snelheid en scherpe bochten op insecten. In oktober trekken de huiszwaluwen naar tropisch Afrika om het volgende jaar in april terug te komen.

De huiszwaluw heeft een witte buikzijde, een metaalachtig blauwzwarte rugzijde met een typische witte stuit en een licht gevorkte staart. De boerenzwaluw heeft een diep gevorkte staart.