Bijenhal

In de bijenhal van De Helix achter de vijver vind je bijenkasten voor honingbijen. Bijen vervullen een sleutelrol in de natuur. Het zijn belangrijke bestuivers van wilde planten en van heel wat land- en tuinbouwgewassen. Ruim 1/3e van de landbouwgewassen op de wereld is afhankelijk van insecten voor de bestuiving en vruchtzetting. Jammer genoeg gaat het aantal insecten sterk achteruit door het dalend nectaraanbod en het gebrek aan geschikte nestplaatsen.

Bijenkorven of bijenkasten

Vroeger werd er geïmkerd in bijenkorven. Om de honing te oogsten moest men de wasraten uit de korf snijden. Nu gebruikt men vooral kasten. In een bijenkast hangt de imker uitneembare wasraten die bestaan uit 6-hoekige cellen. De wasraten worden door de bijen gebruikt als broednest of als opslagplaats voor honing en stuifmeel.

Bijen in een notendop

De honingbij is een sociaal insect dat in kolonies leeft. In de zomer bestaat een bijenvolk uit 1 koningin, wel 40.000 werksters en ongeveer 300 darren. In de winter zijn er alleen werksters en de koningin. De taken van de verschillende soorten bijen zijn verschillend:

  • De koningin heeft als voornaamste taak eitjes leggen. Eén keer in haar leven verlaat ze de kast om bevrucht te worden door verschillende darren.
  • De darren bevruchten de koningin en helpen bij de temperatuurregeling in de kast (± 35°C). In de late zomer worden de overlevende darren afgeslacht door de werksters.
  • De werksters hebben in hun korte leven verschillende taken. Achtereenvolgens zijn ze schoonmaakster, voederbij, bouwbij, bewaakster en haalbij. Als haalbij verzamelen ze nectar, stuifmeel en water. Het stuifmeel verzamelen ze in korfjes aan hun achterpoten en dient als eiwitbron voor de larven. De nectar zuigen ze op met hun tong en wordt omgezet tot honing. Voor 1 kg honing is 2 tot 3 kg nectar nodig.